Gepubliceerd op
Zeewater: Copernicus Marine via Open-Meteo, gemeten 10 oktober. Buitentemperatuur en wind: Open-Meteo, nu.
De landtong bij de pas van n’Adolf: links het kalme water van de westkant, rechts de branding van de oostkant. Foto: Joan Gené, CC0 (Wikimedia Commons)
Es Trucadors is de smalle landtong die vanaf de noordkant van Formentera bijna drie kilometer de zee in steekt, in de richting van Ibiza. Het is de plek waar vrijwel iedereen is geweest zonder de naam te kennen, want het beroemde Ses Illetes ligt aan de westflank ervan en Platja de Llevant aan de oostflank. Wie bij de laatste parkeerzone het zand op loopt en gewoon doorloopt naar het noorden, laat binnen een kwartier de strandtenten achter zich en komt op een strook die op sommige plekken geen honderd meter breed is, met aan beide kanten open water. Dat is het eigenlijke Es Trucadors, en het is het mooiste stuk van het eiland dat je niet kunt bereiken met een motor onder je.
Een duinstrook van drie kilometer, en nergens breder dan een straat
Es Trucadors hoort bij de parochie Sant Ferran de ses Roques en ligt helemaal binnen het Parc Natural de ses Salines. Volgens de Catalaanse beschrijving van het gebied is het een lage, smalle strook land van bijna drie kilometer lang en gemiddeld zo’n tweehonderd meter breed, opgebouwd uit duinen die min of meer vastliggen. Op een paar plekken haalt de landtong de honderd meter niet eens. Het hoogste punt van heel Formentera’s noorden ligt hier op 10,34 meter en heet es Muntanyar, wat voor een eiland met een vuurtoren op 142 meter een bescheiden heuvel is, maar op deze strook voelt het als een uitkijkpost.
Je kunt de landtong in drieën lezen. Het zuidelijke deel loopt van de Estany Pudent tot aan de heuveltjes pujol des Palo en es Muntanyar, en daar liggen de oude zoutpannen van en Marroig. Aan de westkant vind je in dat stuk de Platja del Cavall d’en Borràs, het laadplaatsje el Carregador met de oude zoutmolen Es Molí de la Sal, en de Platgeta del Carregador. Het middelste deel, tussen es Muntanyar en het heuveltje pujolet dels Burons, is het toeristische hart: Ses Illetes aan de westkant, Platja de Llevant aan de oostkant. Daar houdt het pad op. En dan begint het derde deel, dat smaller en smaller wordt tot er alleen nog rotskopjes met zand ertussen over zijn.

De naam komt van het gevaar, niet van de schoonheid
Bijna iedereen noemt de hele landtong tegenwoordig Ses Illetes, maar dat is strikt genomen alleen het strand aan de westkant. De landtong zelf heet els Trucadors, en had vroeger een tweede naam die nu in onbruik is: punta del Borronar. Allebei staan ze al in zestiende-eeuwse stukken. Ze sloegen bovendien op verschillende stukken. Punta del Borronar was het middelste deel, waar de duinen worden vastgehouden door zeegras en door borró, het helmgras dat met zijn wortels het zand bij elkaar houdt en dat de plek dus letterlijk zijn naam gaf.
Trucadors sloeg op het noordelijke stuk, en die naam is van een heel andere orde. Hij is een verbastering van Traücadors, van het werkwoord traücar, doorboren. De zandtongen die daar de rotskopjes met elkaar verbinden verdwenen van tijd tot tijd onder water, en dan bleven er riffen over die je vanaf een boot niet zag liggen. Schepen sloegen erop lek. De mooiste strook zand van de Balearen is dus vernoemd naar het gat dat hij in je romp kon slaan, en wie daar vandaag met zijn voeten in het water staat en naar de ankerende jachten kijkt, snapt meteen waarom.
Waar de weg ophoudt, bij Es Ministre
Tot in het natuurpark kom je met een voertuig, maar niet vanzelf. Sinds 2007 is de toegang voor gemotoriseerd verkeer geregeld, en in 2026 betekent dat in het hoogseizoen een slagboom, een tarief en een plafond op het aantal auto’s en motoren dat tegelijk in het park mag staan. Hoe dat precies werkt, met de zones en de bedragen, staat op onze pagina over Ses Illetes. Op de fiets heb je er geen last van, want fietsen vallen buiten het quotum en staan nooit voor een dichte slagboom.
Waar het asfalt en de parkeerzones ophouden, bij Es Ministre, begint het stuk waar deze pagina over gaat. Vanaf daar is het hemelsbreed ruim twee kilometer naar de noordpunt. Over het zand, met de bochten mee, loop je er heen en terug anderhalf tot twee uur over, en dan heb je nog niet gezwommen. Het pad is geen pad: je loopt over zand, over platte rotsplaten vol gaten en over droge zoutkorst, dus stevige slippers of sandalen zijn prettiger dan blote voeten. Neem water mee, want er is onderweg niets, en neem iets tegen de zon mee, want er is onderweg ook geen schaduw. Niet een boom, niet een parasol.




Schuif opzij voor meer foto’s. Van de eerste zandtong tot de punt tegenover Espalmador. Foto’s: Joan Gené, CC0 (Wikimedia Commons)
El Primer, el Segon en el Tercer: drie zandtongen op een rij
Het noordelijke deel bestaat uit een reeks lage rotskopjes die met elkaar verbonden zijn door zandtongen die aan beide kanten open liggen naar zee. Ze hebben geen poëtische namen gekregen maar tellende: el Primer, el Segon en el Tercer, de eerste, de tweede en de derde zandtong na de doorgang van n’Adolf. Je loopt ze een voor een af en bij elke tong wordt het smaller en stiller. Op de eerste zie je nog wandelaars en een enkele hond; bij de derde ben je meestal alleen, met aan de ene kant kalm, lichtgroen water en aan de andere kant een branding die tegen het zand aan beukt. Hetzelfde strand, twintig meter uit elkaar, twee totaal verschillende zeeën.
Die doorgang van n’Adolf dankt zijn naam aan een schipbreuk. In 1882 liep hier het Zweedse schip Adolf vast, en sindsdien heet de hele zone zo: het strandje van de zuidelijke pas van n’Adolf, het heuveltje van n’Adolf op zeven meter, en de noordelijke pas. Dat de naam van een scheepsramp honderdveertig jaar later nog op de kaart staat, past bij een landtong die naar het doorboren van bootjes is vernoemd. Verder naar het noorden staat bovendien la Riada, een bouwsel dat de Duitser Johannes Schultz vanaf 1992 optrok uit stenen en aangespoeld materiaal en dat hij elk jaar opnieuw veranderde.
In de winter is dit gedeelte niet alleen leeg maar ook kwetsbaar. De golfslag kan de landtong op precies die smalle punten doorbreken, zodat de noordpunt tijdelijk een eilandje wordt. Het gebied erodeert door wind en water, en daarom is het verzoek om op het zand te blijven en niets te verplaatsen geen formaliteit. In november 2018 werd er zelfs een opruimdag gehouden om de stapeltjes stenen weg te halen die bezoekers hadden opgetast.

Es Pas: het zeegat naar Espalmador, en waarom je er niet doorheen loopt
Aan het einde van de punt ligt het zeegat Es Pas, en aan de overkant Espalmador. Van de noordpunt tot de zuidpunt van het eiland is het ongeveer driehonderd meter, en omdat er een ondiepe zandbank tussen ligt die bij laag water bijna boven komt, lijkt het bij helder weer alsof je er zo doorheen waadt. In het verleden is de landtong bij tijden zelfs fysiek vastgelegen aan Espalmador, over een zandbank met nauwelijks water erboven.
Dat is de aardrijkskunde. De vraag of het mag is een andere, en daar is het antwoord kort. De gemeente Formentera schrijft op haar eigen strandpagina over Es Trucadors dat de stroming sterk is en dat oversteken te voet verboden is. Er hangt permanent een rode vlag. Juist die vernauwing tussen twee open zeeën maakt de stroom snel, en het water dat er rustig uitziet trekt vanaf halverwege hard opzij. Wie Espalmador wil zien, neemt een boot vanuit de haven van La Savina. En wie alleen wil kijken: vanaf de punt heb je het eiland, de toren van sa Guardiola en bij helder weer de heuvels van Ibiza gewoon voor je liggen, en dat is de wandeling op zichzelf al waard.
Zout, en waarom hier nooit iets gebouwd is
Dat er op zo’n beroemde strook geen enkel hotel staat, is geen gelukkig toeval maar een erfenis van de zoutwinning. De Mallorcaan Antoni Marroig kocht de zoutpannen in 1873, en zijn naam zit nog altijd in de estanys d’en Marroig op het zuidelijke deel van de landtong. In februari 1898 werd Salinera Española opgericht om die pannen op Formentera uit te baten en ook die van Ibiza over te nemen, en dat bedrijf hield het vol tot 1984. Al die tijd was een groot deel van Es Trucadors bedrijfsterrein, en bedrijfsterrein verkoop je niet aan hotelontwikkelaars.
Toen de zoutwinning stopte, was de beschermingsgolf al onderweg. Het gebied ging op in het Parc Natural de ses Salines, dat de Pitiusen-zoutpannen aan beide kanten van het water omvat, en wat eerst door een vennootschap werd leeggehouden, wordt nu door een natuurwet leeggehouden. De paal die halverwege de landtong op de rotsen staat, met de letters S.E. erin gehakt, is een stille herinnering aan de tijd dat dit zand van iemand was.
Wanneer je moet gaan
De gemeente zelf noemt zonsopgang en zonsondergang het mooiste moment, en dat klopt om twee redenen. Het licht valt dan laag over het zand en haalt alle reliëf uit de duinen, en het is het enige moment waarop je er in het hoogseizoen vrijwel alleen loopt. In juli en augustus is het midden op de dag op het zuidelijke deel echt druk, al ben je na twintig minuten doorlopen de meeste mensen al kwijt.
Mei, juni, september en begin oktober zijn de maanden waarin de wandeling het prettigst is: het water is warm genoeg om in te stappen, de zon is te doen en de landtong is rustig. In de winter is Es Trucadors een heel ander verhaal, ruig en leeg en bij noordenwind ronduit onherbergzaam, maar wie van verlaten kusten houdt vindt dan het beste van het eiland. Kijk dan wel waar je loopt, want juist in dat seizoen kan de zee de smalle stukken wegslaan.
Op de strandenkaart van Formentera zie je Es Trucadors samen met alle andere stranden van het eiland.
Veelgestelde vragen over Es Trucadors
Mag je van Es Trucadors naar Espalmador lopen?
Nee. De gemeente Formentera schrijft op haar eigen strandpagina dat de stroming in het zeegat sterk is en dat oversteken te voet verboden is. Er staat permanent een rode vlag. Dat het maar een paar honderd meter is en er een ondiepe zandbank tussen ligt, maakt het niet veiliger; juist die vernauwing tussen twee open zeeën versnelt de stroom.
Hoe lang is de wandeling naar de punt van Es Trucadors?
Vanaf Es Ministre, waar de weg ophoudt, is het hemelsbreed ruim twee kilometer tot de noordpunt. Over het zand loop je er heen en terug ongeveer anderhalf tot twee uur over, langer als je onderweg zwemt.
Waarom heet het Es Trucadors en niet Ses Illetes?
Ses Illetes is het strand aan de westkant; Es Trucadors is de hele landtong waar dat strand deel van uitmaakt. Beide namen staan al in de zestiende eeuw op papier. Dat bijna iedereen de landtong Ses Illetes noemt, is een verschuiving van de laatste decennia.
Waar komt de naam Trucadors vandaan?
Van traücar, Catalaans voor doorboren. De naam sloeg op het noordelijke stuk, waar de zandtongen tussen de rotskopjes soms verdwenen en er riffen net onder water achterbleven waarop schepen lek konden slaan.
Zijn er voorzieningen op Es Trucadors?
Op het noordelijke deel niets: geen strandtent, geen bar, geen douche, geen toilet en geen schaduw. De strandrestaurants staan allemaal in het zuidelijke en middelste deel, bij Ses Illetes en Es Ministre.
Kun je met de auto tot aan de punt rijden?
Nee. Gemotoriseerd verkeer komt niet verder dan de parkeerzones in het natuurpark, en daarvoor passeer je in het hoogseizoen een slagboom met tarief en een plafond op het aantal voertuigen. Het laatste stuk naar de noordpunt is alleen te voet.
Is Es Trucadors geschikt voor kinderen?
Het westelijke water is ondiep en vlak, dus voor pootjebaden is het uitstekend. De wandeling naar de punt is dat minder: ruim vier kilometer heen en terug zonder een meter schaduw en zonder drinkwater onderweg.
Wanneer is Es Trucadors op zijn mooist?
Bij zonsopgang en zonsondergang, als het licht laag over het zand valt en de landtong vrijwel leeg is. In de winter is het er indrukwekkend ruw, maar dan kan de branding de zandtongen in het noorden ook echt doorbreken.
Op de kaart
Wie de landtong heeft gelopen, heeft meteen de twee beroemdste stranden van Formentera gezien, want Ses Illetes en Platja de Llevant liggen er aan weerszijden van. Iets zuidelijker ligt het kleine Sa Roqueta, en een overzicht van de rest staat bij de mooiste stranden van Formentera. Wil je er een wandeldag van maken, dan vind je bij wandelen op Formentera de routes over de rest van het eiland.
Bronnen (geraadpleegd 9 oktober 2026): de Catalaanse en Spaanse Wikipedia over Es Trucadors en S’Espalmador voor de afmetingen, de naamsverklaring, de indeling in drie delen, de zone van n’Adolf en la Riada; de strandpagina van de gemeente Formentera (formentera.es) voor het verbod op oversteken en het beste licht; Noudiari (november 2018) voor de opruimdag van de steenstapels; formentera.es over de geschiedenis van het zout voor Antoni Marroig (1873), de oprichting van Salinera Española (1898) en het einde van de winning (1984).



