Gepubliceerd op
Het strand van Sant Tomàs gezien vanaf de Punta de Talis, met de urbanisatie erachter. Foto: Discasto, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons
Santo Tomás is de badplaats van de gemeente Es Migjorn Gran, precies in het midden van de zuidkust van Menorca. Je komt de naam in drie schrijfwijzen tegen: op de wegwijzers staat het Catalaanse Sant Tomàs, in de Spaanse folders Santo Tomás en in de Nederlandse reisgidsen meestal Santo Tomas zonder accent. Het gaat steeds om dezelfde plek, een zandstrook van ruim vijfhonderd meter met duinen en een pijnbomenbos erachter, die aan de westkant niet ophoudt maar in één doorgaande lijn overgaat in Sant Adeodat en daarna in het volledig onbebouwde Binigaus. Hieronder lees je hoe die kuststrook in elkaar zit, waarom het strand elke winter zand verliest, welke voorzieningen er zijn en in welke maanden je er het meeste aan hebt.
Eén strand dat eigenlijk drie stranden is
De meeste baaien van de Menorcaanse zuidkust zijn kleine inhammen tussen twee rotskoppen, waar je in vijf minuten van de ene punt naar de andere loopt. Santo Tomás werkt anders. Het strand van Sant Tomàs ligt tussen Punta Negra in het westen en de Punta de Talis in het oosten en meet ongeveer 530 meter langs het water, met een zandstrook van een meter of veertig diep. Het zand is wit en fijn, de zee loopt er traag af en het water is op een rustige dag glashelder tot ver uit de kust.
Loop je vanaf de laatste parasol naar het westen, dan houdt het zand niet op. Na een paar honderd meter heet hetzelfde strand ineens Sant Adeodat, ook wel Binicodrell genoemd, goed voor nog eens 450 meter zand dat op sommige plekken maar vijftien meter diep is. Vlak voor de kust ligt daar s’Illot de Binicodrell, het lage rotseilandje dat op bijna elke foto van deze kust staat. Dat eilandje is meer dan decoratie, want er leeft een eigen ondersoort van de Balearische hagedis, Podarcis lilfordi codrellensis.
Daarachter begint Binigaus, en daar verandert de sfeer helemaal. Dit is een kilometer lange, volkomen onbebouwde zandstrook met rode kleikliffen en pijnbomen die tot aan het zand komen. Er is geen kraan, geen kiosk en geen toilet, en op het westelijke deel is naaktrecreatie al decennia de gewoonte. De hele kust vanaf Binigaus tot Cala Mitjana valt onder Europese natuurbescherming, en dat is precies de reden dat er aan die kant nooit iets gebouwd is terwijl aan de oostkant een complete badplaats staat.

Van boerenland naar badplaats in vijfentwintig jaar
Sant Tomàs is jong. Tot in de jaren zestig was het de naam van een lloc, een Menorcaans boerenbedrijf, en lag er tussen de duinen niets anders dan een enkel schuurtje. Rond 1962 begonnen de broers Antoni en Josep Mercadal Fornaris, samen met Margarida Arguimbau Anglada, de vrouw van de eerste, de plannen om op die grond een toeristische zone te ontwikkelen. Het eerste hotel dat opende was Hotel Sant Tomàs in 1966, drie jaar later gevolgd door Hotel Europa, dat tegenwoordig Sol Menorca heet.
Daarna ging het snel. In 1971 kwam het blok Vistamar, dat de wijk meteen een restaurant en een supermarkt gaf, en een jaar later begon Restaurant Es Bruc op de plek waar al een kiosk met een bar stond. Hotel Lord Nelson volgde in 1974, Hamilton Court in 1976 en in 1982 het eerste winkelcentrum. In 1987 ging Hotel Victoria Playa open, dat je nu kent als TUI BLUE Victoria, het adults-onlyhotel dat pal boven het zand staat. In vijfentwintig jaar was van een akker een badplaats gemaakt, en sindsdien is er vooral opgeknapt en nauwelijks bijgebouwd.
Het dorp waar de badplaats bij hoort is een stuk ouder en ligt vijf kilometer landinwaarts. Es Migjorn Gran groeide tijdens de tweede Britse periode rond de kapel van Sant Cristòfol, die Cristòfol Barber i Ametller er in 1769 liet bouwen. Tot 1988 heette het dorp officieel San Cristóbal en pas in 1989 splitste het zich van Es Mercadal af, wat het de jongste gemeente van Menorca maakt, met Sant Tomàs als enige andere kern.
Waarom het zand elke winter verdwijnt
Dit is het verhaal dat je op geen enkele hotelsite leest, maar dat bepaalt hoe het strand er in april uitziet. De zuidkust ligt open naar het zuiden, zuidoosten en zuidwesten, en bij een stevige winterstorm uit die hoek trekt de zee het zand van Sant Tomàs, Sant Adeodat en Binigaus gewoon mee de diepte in. Na de winter van 2023 en opnieuw na die van 2024 lagen de drie stranden er grotendeels kaal bij, met rots en kiezels waar in augustus de ligbedden staan, en vroeg de gemeente het Rijk om een kunstmatige zandaanvulling.
Dat is eerder geprobeerd. In 1993 haalde Costas zand van de zeebodem voor Sant Adeodat omhoog en legde dat op het strand, waarna het binnen een paar weken alweer verdwenen was. Het goede nieuws is dat de natuur het meestal zelf oplost: in het voorjaar van 2025 was het zand er voor tachtig tot negentig procent vanzelf weer, vooral doordat de wind uit het noorden het materiaal terugduwt. Wie in juli of augustus komt, ziet dus vrijwel altijd een breed, normaal strand.
In 2026 leverde die cyclus wel een praktisch probleem op. Costas weigerde in mei de vergunning voor ligbedden en waterfietsen, met als argument dat er te weinig zand lag. De gemeente bestreed dat, omdat het strand juist groter was dan het jaar ervoor dankzij de tramuntana rond Pasen, en liet op 5 juni opnieuw opmeten. Het gevolg was dat Sant Tomàs halverwege juni nog zonder ligbedden zat. Dat raakt ook de gemeentekas, want de reddingsdienst kost ongeveer tweehonderdduizend euro per jaar en wordt grotendeels uit de opbrengst van die ligbedden betaald. Neem dus je eigen parasol mee als je zeker wilt zijn van schaduw.

Wat is er aan voorzieningen?
Voor een strand dat direct aan een natuurgebied grenst, is Sant Tomàs verrassend compleet. Er staan douches en voetenspoelers, er zijn toiletten, en over de duinen ligt een houten vlonderpad dat het zand bereikbaar maakt voor wie slecht ter been is. In 2026 begon de bewaking al op 1 mei met vier redders voor Sant Tomàs en Sant Adeodat samen, van tien tot zes in juni en september en van tien tot half acht in juli en augustus, en de dienst liep door tot eind oktober. Dat is een ongewoon lang seizoen voor Menorca en een goede reden om hier met kinderen te zitten.
Eten doe je bij Es Pins, dat pal aan het strand staat en bekend is om het uitzicht bij zonsondergang, of bij Es Bruc aan de kant van Sant Adeodat, een strandtent die het van gegrilde vis en vlees van het eiland moet hebben. Verder in de urbanisatie vind je supermarkten, een apotheek, een medische post en autoverhuur. Een blauwe vlag heeft Sant Tomàs niet, want op heel Menorca hadden in 2026 alleen Son Bou, Cala en Porter, Binibèquer Nou en Punta Prima die vlag. Op Binigaus is er daarentegen helemaal niets, en dat is het hele punt van dat strand. Honden mogen er wel, wat in het seizoen op de meeste Menorcaanse stranden verboden is.



Schuif opzij voor meer foto’s. Van het panorama over de baai tot het wilde Binigaus bij laag zonlicht. Foto’s: Josefito123 (CC BY-SA 4.0), Markus Trienke (CC BY-SA 2.0) en Alejandro Muñoz Cabrisas (CC BY-SA 4.0) via Wikimedia Commons
Hoe kom je er en waar parkeer je?
Santo Tomás ligt bijna precies in het midden van het eiland, en dat is een groot voordeel. Vanaf de luchthaven bij Maó rijd je 28,3 kilometer in ongeveer vierendertig minuten, vanaf Maó zelf 29,1 kilometer in een halfuurtje en vanaf Ciutadella 27,9 kilometer in vierendertig minuten, dus vanuit beide hoofdsteden ben je er even snel. Het dorp Es Migjorn Gran ligt op 4,9 kilometer, zeven minuten over de smalle weg door het boerenland.
Parkeren kost niets. Aan de rand van de urbanisatie liggen twee ruime terreinen, en vlak voor de rotonde waar je Santo Tomás binnenrijdt ligt het terrein voor Binigaus, vanwaar je in vijf tot tien minuten op dat strand staat. In de eerste helft van augustus zijn die terreinen rond het middaguur vol, maar vergeleken met de bekende calas verderop is dit een ontspannen bestemming. Hoe het op de rest van het eiland geregeld is, staat in onze gids over parkeren op Menorca.
Zonder auto kan het ook, want er rijden twee rechtstreekse buslijnen tot in de urbanisatie. L71 komt vanuit Maó via Alaior en Es Migjorn Gran, legt 28 kilometer af in ongeveer vijfenveertig minuten en kost 3,45 euro. L72 komt vanuit Ciutadella via Ferreries en Es Mercadal, doet er met 37 kilometer een uur over en kost 5,20 euro. Beide stoppen drie keer in Santo Tomás, bij Vistamar, Hotel Lord Nelson en Hotel Victoria, zodat je vrijwel voor de deur van je hotel uitstapt. Alle lijnen staan in onze gids over de bus op Menorca.
Lopen: het Camí de Cavalls en de Cova des Coloms
Santo Tomás is een van de betere vertrekpunten voor het Camí de Cavalls, het pad van 185 kilometer rond het eiland. Naar het westen begint hier etappe 14 naar Cala Galdana, ongeveer 10,8 kilometer met driehonderd meter klimmen en zo’n drieënhalf uur lopen. Die etappe heet niet voor niets de route van de ravijnen, want je kruist achter elkaar de barrancs van Binigaus, Albranca en Trebalúger en komt langs Cala Mitjana en Cala Mitjaneta, zonder enige voorziening onderweg.
Naar het oosten is etappe 15 een heel ander verhaal: 6,4 kilometer met vijftig meter hoogteverschil, ongeveer twee uur, en vlak. Je loopt langs het strandje van Atalis, daarna achterlangs het Prat de Son Bou waar de vogelaars staan, en komt uit op de parkeerplaats van Son Bou, met bijna vier kilometer het langste strand van Menorca. Met de auto is diezelfde verbinding 21 kilometer, want je moet landinwaarts om via Alaior. Lopen is hier dus letterlijk korter dan rijden.
De mooiste korte wandeling gaat landinwaarts. Vanaf Binigaus klim je het Barranc de Binigaus in, en na ongeveer vier kilometer en een kleine vijftig minuten vanaf het strand sta je bij de Cova des Coloms, door iedereen op het eiland sa Catedral genoemd. Die bijnaam is terecht, want de grot is vierentwintig meter hoog, vijftien meter breed en honderdtien meter diep, met een centrale zaal van een meter of vijftig en daarachter een smalle gang. Je kunt ook vanaf het kerkhof van Es Migjorn Gran de barranc in dalen, wat korter maar steiler is. In hetzelfde ravijnengebied liggen het talayotische dorp Sant Agustí Vell en de prehistorische zuilenzaal van Binigaus Nou, in de volksmond het Galliner de Madona. Meer dagwandelingen staan in onze gids over wandelen op Menorca.
Wanneer kun je het beste naar Santo Tomás?
Juni en september zijn hier de beste maanden. In juni is het een graad of zesentwintig met water van eenentwintig graden, de redders staan al vanaf tien uur op het strand en het is nog rustig op het zand. In september is het water op zijn warmst, rond de vierentwintig graden, terwijl de drukte na de eerste week wegzakt. Mei is aangenaam voor wandelen en voor het ravijn, al is het water met achttien graden nog aan de frisse kant.
Juli en augustus zijn warm en vol, met dertig graden of meer en een strand dat tussen twaalf en vier echt bezet is. Toch blijft dit een van de minder gekke plekken van de zuidkust, omdat de drukte zich over drie aaneengesloten stranden verdeelt. Loop een kwartier richting Binigaus en je hebt alsnog ruimte. Let wel op de wind: bij noordenwind ligt de hele zuidkust spiegelglad, maar draait het naar het zuiden, dan staat er branding en wordt het water troebel. Dat is precies de kant waar dit strand open ligt.
In oktober is het water nog eenentwintig graden en loopt de bewaking volgens het schema van 2026 door tot het eind van de maand, terwijl een deel van de hotels en restaurants dan al sluit. Van november tot maart is Santo Tomás een stille plek waar je het strand voor jezelf hebt. Hoe de maanden zich op het hele eiland tot elkaar verhouden, staat in onze gids over de beste reistijd voor Menorca.
| Vanaf het strand van Sant Tomàs | Afstand | Hoe lang |
|---|---|---|
| Sant Adeodat (lopend over het zand) | 0,8 km | ongeveer 10 minuten |
| Platja de Binigaus (lopend) | 1,6 km | ongeveer 20 minuten |
| Cova des Coloms (lopend door het ravijn) | 4,1 km | bijna een uur |
| Son Bou (etappe 15, lopend) | 6,4 km | ongeveer twee uur |
| Es Migjorn Gran (met de auto) | 4,9 km | 7 minuten rijden |
| Cala Galdana (met de auto) | 18,8 km | 26 minuten rijden |
| Luchthaven Maó (met de auto) | 28,3 km | 34 minuten rijden |
Op de strandenkaart van Menorca zie je Santo Tomás samen met alle andere stranden van het eiland.
Veelgestelde vragen over Santo Tomás
Is het nu Sant Tomàs, Santo Tomás of Santo Tomas?
Alle drie, en het gaat om dezelfde plek. Sant Tomàs is de Catalaanse naam op de wegwijzers en de bushaltes, Santo Tomás de Spaanse vorm en Santo Tomas de spelling zonder accent uit de Nederlandse reisgidsen.
Hoe lang is het strand van Santo Tomás?
Sant Tomàs zelf meet ongeveer 530 meter met een zandstrook van een meter of veertig diep, maar het loopt zonder onderbreking door in Sant Adeodat (450 meter) en daarna in Binigaus (ongeveer een kilometer). Wie doorloopt, heeft ruim twee kilometer strand aan één stuk.
Wat kost parkeren bij Santo Tomás?
Niets. Er liggen twee gratis terreinen aan de rand van de urbanisatie, en vlak voor de rotonde bij de ingang ligt het gratis terrein voor Binigaus, op vijf tot tien minuten lopen. In de eerste helft van augustus zijn ze rond het middaguur vol.
Rijdt er een bus naar Santo Tomás?
Ja, twee rechtstreekse lijnen. L71 rijdt vanuit Maó in ongeveer vijfenveertig minuten voor 3,45 euro, L72 vanuit Ciutadella in een uur voor 5,20 euro. Beide stoppen bij Vistamar, Hotel Lord Nelson en Hotel Victoria.
Is Santo Tomás geschikt voor kinderen?
Ja. Het water loopt traag af, er staan douches en toiletten, er ligt een vlonderpad over de duinen en het bewaakte seizoen is lang: in 2026 van 1 mei tot eind oktober. Winkels, apotheek en een medische post staan in de urbanisatie. Bij zuidenwind kan er wel branding staan.
Is Binigaus een naaktstrand?
Op het westelijke deel wel. Binigaus is een van de bekendste naturistenstranden van Menorca, en hoe verder naar het westen, hoe meer mensen zonder zwemkleding. Aan de oostkant, waar je vanaf Sant Adeodat aankomt, ligt iedereen door elkaar. Er zijn geen voorzieningen, dus neem water mee.
Zijn er ligbedden en parasols te huur?
Normaal gesproken wel, maar het is geen zekerheid. In 2026 weigerde Costas de vergunning voor ligbedden en waterfietsen omdat er volgens de dienst te weinig zand lag, waardoor Sant Tomàs tot in juni zonder zat. De gemeente bestreed dat en liet opnieuw meten. Neem bij twijfel je eigen parasol mee.
Hoe kom je bij de Cova des Coloms?
Vanaf het strand loop je naar Binigaus en daar klim je het Barranc de Binigaus in, ongeveer 4,1 kilometer en bijna een uur vanaf Sant Tomàs. De grot is vierentwintig meter hoog, vijftien meter breed en honderdtien meter diep en heet daarom sa Catedral. Een kortere maar steilere route begint bij het kerkhof van Es Migjorn Gran.
Heeft Santo Tomás een blauwe vlag?
Nee. Op Menorca hadden in 2026 alleen Son Bou, Cala en Porter, Binibèquer Nou en Punta Prima die vlag. Dat zegt niets over de waterkwaliteit, want een gemeente moet de keuring zelf aanvragen en betalen.
Op de kaart
Wie hier blijft slapen, zit bij TUI BLUE Victoria het dichtst bij het zand. Verder langs deze kust liggen Son Bou en Cala Galdana, en in onze lijst met de mooiste stranden van Menorca zie je hoe ze zich tot elkaar verhouden. Reis je met kinderen, lees dan ook onze gids over Menorca met kinderen. Alles over het eiland staat in de Menorca reisgids, en Menorca is een van de vier Balearen.
Bronnen
Alles geraadpleegd op 2 oktober 2026. Coördinaten, afstanden en rijtijden: OpenStreetMap, met Nominatim en de routeplanner (auto- en voetgangersprofiel); looptijden over zand en duinen zijn naar boven afgerond. Afmetingen en voorzieningen van de drie stranden: menorca.org, illesbalears.travel en isoladiminorca.com; de opgegeven lengte van Sant Tomàs varieert per bron tussen 500 en 550 meter. Ontstaan van de urbanisatie en de geschiedenis van Es Migjorn Gran: Catalaanse Wikipedia. Zandverlies, de mislukte aanvulling van 1993, het herstel in 2025, de geweigerde vergunning voor ligbedden in 2026, de reddingsbrigade en de blauwe vlaggen: menorca.info, 13 april 2024, 9 april 2025, 3 mei 2026, 5 mei 2026 en 5 juni 2026. Buslijnen L71 en L72: tmsa.es. Etappes 14 en 15 van het Camí de Cavalls: gegevens van de Consell Insular de Menorca via apuntmenorca.com; andere bronnen komen op iets afwijkende kilometers uit. Cova des Coloms: menorca.es. Natura 2000-gebied ES0000239 en de hagedis van s’Illot de Binicodrell: Xarxa Natura 2000 van de Balearen en Spaanse Wikipedia. Watertemperaturen: onze eigen gids over de beste reistijd voor Menorca.



