Caló des Moro op een augustusmiddag: turquoise water, en het strandje vol tot op de rotsen. Foto: Tommie Hansen, CC BY 2.0 (Wikimedia Commons)
De mooiste stranden van Mallorca liggen verspreid over het hele eiland: Es Trenc in het zuiden, de rotsbaaien Caló des Moro en Cala Mondragó in het zuidoosten, het wilde Cala Varques in het oosten, Cala Agulla en Cala Torta in het noordoosten, Platja de Formentor en Playa de Muro in het noorden, en de kiezelbaaien Cala Tuent en Sa Calobra onder de bergen van de Tramuntana.
De volgorde is geen ranglijst maar een rondje om het eiland, tegen de klok in vanaf het zuiden. Op Mallorca bepaalt namelijk de wind welke kust er op een bepaalde dag het mooist bij ligt. Een baai die op foto’s spiegelglad is, ligt bij de verkeerde wind vol schuim en zeegras, terwijl de overkant van het eiland er dan als een zwembad bij ligt. Na de tien stranden lees je welk strand je bij welke wind kiest, en wat er in 2026 geldt voor parkeren en afgesloten wegen.
Het zuiden: Es Trenc en de duinkust van Ses Salines
1. Es Trenc
Es Trenc is ongeveer drie kilometer licht zand tussen Ses Covetes en de rand van Colònia de Sant Jordi, met duinen en lage dennen erachter en geen appartementenblok in zicht. Sinds 2017 hoort het bij het natuurpark Es Trenc-Salobrar de Campos. Achter de duinen liggen het Salobrar, na s’Albufera het belangrijkste wetland van Mallorca, en de zoutpannen waar de flor de sal wordt geoogst. Het water loopt flauw af en is op een windstille ochtend zo helder dat je de ribbels in het zand ziet. Bij de opgangen van Ses Covetes ligt het vol, maar na tien minuten lopen langs de vloedlijn wordt het merkbaar leger.
Nog stiller is Es Carbó, drie kwartier tot een uur lopen vanuit Colònia de Sant Jordi: een strook wit zand zonder gebouw, strandtent of weg ernaartoe. Bij de vuurtoren van Cap de ses Salines ligt Es Caragol, een brede, ondiepe baai die je na twintig minuten tot een half uur lopen door droog boerenland bereikt.

Het zuidoosten: Caló des Moro en Mondragó
2. Caló des Moro
Caló des Moro is de baai van de foto bovenaan: hooguit dertig meter zand, diep ingesneden tussen kalkwanden, met water dat van donkerblauw in de monding naar bijna wit turquoise boven het zand verloopt. In juli en augustus ligt het strandje halverwege de ochtend al vol tot op de rotsen. Er is geen strandtent, geen toilet en geen ligbed. De afdaling via het buurbaaitje Cala s’Almunia, met zijn oude bootschuurtjes, gaat over rotsen en een stenen trap. Je parkeert in de wijk erboven. Een doorgetrokken gele streep betekent parkeerverbod, en daar wordt streng op gecontroleerd. Kom vroeg, of in de late middag.
3. Cala Mondragó en S’Amarador
Iets verder naar het noordoosten ligt het Parc Natural de Mondragó, 766 hectare dennenbos, duinen en lage kliffen die na een publieke campagne tegen bebouwing in 1992 natuurpark werden. Cala Mondragó is de makkelijkste van de twee baaien: wit zand, ondiep en kalm water, een strandbar en een restaurant. In een kwartier loop je langs de rotsen naar S’Amarador, dat breder is, minder voorzieningen heeft en duinen in plaats van gebouwen achter zich heeft. Ze delen dezelfde parkeerterreinen, waar je een klein bedrag betaalt, dus je doet ze makkelijk allebei op één dag. In dezelfde hoek liggen Cala Llombards, Cala Santanyí en het havenplaatsje Cala Figuera.

Het oosten en noordoosten: Cala Varques, Cala Agulla en Cala Torta
4. Cala Varques
Aan de oostkust tussen Manacor en Porto Cristo heeft bijna elke baai een parkeerterrein, een bar en een aanlegsteiger. Cala Varques niet. De baai van ongeveer negentig meter ligt in het beschermde kustgebied van de Cales Verges de Manacor, tussen lage rotsen vol zeegrotten, waarvan de Cova des Coloms de bekendste is. De prijs is de toegang. Het oude parkeerplekje langs de Ma-4014 is met betonblokken afgesloten, in de berm parkeren levert een boete op, en vanaf Cala Romàntica ben je ongeveer een uur onderweg, deels over privéterrein. Zonder wandeling kom je er met een boottocht vanuit Porto Cristo, waar ook de Cuevas del Drach liggen.
5. Cala Agulla
Cala Agulla bij Cala Rajada laat zien dat een strand met ligbedden er toch ongerept uit kan zien. De boog van ongeveer vijfhonderd meter wit zand ligt tegen dennen en duinen die sinds 1991 beschermd zijn, zodat er achter het strand niets gebouwd is. Het water is aan de rand ondiep en helder, en in het hoogseizoen zit er een badmeester. Omdat Cala Rajada maar een kilometer of twee verderop ligt, is dit een van de weinige stranden uit deze lijst die je makkelijk zonder auto bereikt. Over de Coll de Marina loop je in drie tot vier kilometer naar Cala Mesquida, een duinstrand dat open naar het noorden ligt.
6. Cala Torta
Op het schiereiland van Artà ligt Cala Torta: een paar honderd meter zand, echte duinen, groene heuvels en geen gebouw in zicht. Het strand hoort bij het Parc Natural de la Península de Llevant, en in 2025 kocht de Balearische regering het landgoed sa Duaia met Cala Torta, Cala Mitjana en Cala Estreta. De strandtent is in 2019 gesloten en later gesloopt, dus neem alles zelf mee. Tot aan het zand rijden kan sinds 2023 niet meer. Je parkeert aan het eind van de openbare weg, ruim negen kilometer vanaf Artà, en loopt 1,2 kilometer door het dennenbos. Vanaf dezelfde plek loop je ook naar Cala Mitjana, de kleinere middelste baai van de drie.

Het noorden: Formentor en de baai van Alcúdia
7. Platja de Formentor
Platja de Formentor is bijna een kilometer smal zand aan de zuidkant van het schiereiland, met dennen tot aan de waterlijn en de bergen aan de overkant van de baai van Pollença. Omdat het strand met zijn rug naar het noorden ligt, is het bij noordenwind een van de kalmste plekken van het noorden. Van ongeveer half mei tot half oktober is de weg overdag dicht voor gewone auto’s, huurauto’s en motoren. Dan rijdt vanuit Alcúdia via Port de Pollença buslijn 334, in 2026 van 15 mei tot en met 18 oktober, en vaart er een boot vanuit Port de Pollença, ongeveer een half uur. De rit naar de vuurtoren van Cap de Formentor maak je buiten de afsluituren.
8. Playa de Muro
In de baai van Alcúdia ligt Playa de Muro, ongeveer zes kilometer licht, fijn zand. De bodem loopt zo flauw af dat je vijftig tot honderd meter de zee in loopt voordat het water tot je middel komt, dus het water warmt snel op en kleine kinderen spelen er veilig. Achter de lage duinen ligt natuurpark s’Albufera, het grootste wetland van de Balearen. Een wilde baai is het niet, met strandbars, ligbedden en hotels achter de duinen, maar tussen de strandopgangen, waar dennen tot vlak achter het zand staan, wordt het na een paar honderd meter lopen rustig. Het aangrenzende Platja d’Alcúdia heeft hetzelfde ondiepe water, en aan de noordkant van de baai ligt Alcanada.
De Tramuntana: Cala Tuent en Sa Calobra
9. Cala Tuent
Waar de Serra de Tramuntana steil in zee valt, liggen kiezelbaaien aan het eind van bochtige wegen. Cala Tuent is de stilste daarvan: ongeveer honderd meter zand, grind en kiezels onder de hellingen van de Puig Major, de hoogste berg van Mallorca, met diep en helder water. De rust komt door de ligging, want vanaf de Ma-10 ben je dertig tot vijfenveertig minuten onderweg over dezelfde bergweg als naar Sa Calobra, en dan nog een zijweg omlaag. Er is een grote gratis parkeerplaats en verder weinig, op een restaurant op de helling na. Neem waterschoenen mee voor de kiezels.
10. Sa Calobra en de Torrent de Pareis
Sa Calobra is minder een strand dan een bestemming. De weg ernaartoe, in 1932 aangelegd door ingenieur Antonio Parietti, daalt over ongeveer dertien kilometer en achthonderd meter hoogteverschil in 26 haarspeldbochten af naar zee. Beneden ligt een kleine kiezelbaai, en door een voetgangerstunnel loop je in een paar minuten naar de monding van de Torrent de Pareis, een kloof met wanden tot tweehonderd meter hoog die sinds 2003 een beschermd natuurmonument is. Het is er druk met touringcars en excursieboten vanuit Port de Sóller. Kom vroeg met de auto of neem de boot. Om te zwemmen is Cala Tuent de rustigere keuze.
Welk strand bij welke wind
Wie op Mallorca een stranddag plant, kijkt beter naar de windrichting dan naar de zon. Staat de wind vanuit zee op een strand, dan komen de golven binnen, wordt het water troebel en spoelen zeegras en soms kwallen aan. Waait de wind van het land af, dan ligt dezelfde baai er vlak en helder bij. Omdat de stranden alle kanten op kijken, is er vrijwel altijd een kust waar het goed is.
De winden hebben op het eiland Catalaanse namen. Waait de tramuntana of de mestral uit het noorden en noordwesten, vaker buiten de zomer dan erin, dan krijgen Cala Tuent, Sa Calobra, Cala Torta en Cala Mesquida de golven en ligt het zuiden in de luwte. Dat zijn de dagen voor Es Trenc, Es Carbó, Caló des Moro en Mondragó, en ook voor Platja de Formentor. Bij llevant of gregal, uit het oosten en noordoosten, is het andersom: dan staat er branding op de oostkust en in de baaien van Alcúdia en Pollença, en zijn de Tramuntana-baaien en het zuidwesten rond Portals Vells de betere keuze. Bij migjorn en xaloc, uit het zuiden en zuidoosten, komen de golven op Es Trenc en de calas van Santanyí binnen en ligt het noorden van Formentor tot Playa de Muro kalm.
Daarnaast is er de embat, de zeewind die op zomerdagen in de loop van de ochtend opsteekt en kort na het middaguur op zijn sterkst is. Omdat die wind vanuit zee naar het land waait, is het water op bijna elk strand ’s ochtends het vlakst en het helderst, en dat is naast de drukte een tweede reden om vroeg te gaan. De strandvoorspelling van het Spaanse weerinstituut AEMET geeft per strand de wind en de golven. Ter plaatse vertelt de vlag bij de badmeesterspost hoe het zit: groen is zwemmen, geel is voorzichtig en rood is niet het water in. Over kwallen lees je meer in het stuk over kwallen op Mallorca.
Snorkelen en twee regels die overal gelden
Voor snorkelen zijn de rotsbaaien het mooist: de randen van Caló des Moro, de grotten van Cala Varques en de stenen onder water bij Cala Tuent. Daarnaast gelden overal twee regels. Zand, schelpen en stenen mee naar huis nemen is niet toegestaan. En wie met een huurboot een baai in vaart, ankert nooit op de beschermde posidoniavelden, maar gebruikt de boeien die er op veel plekken voor liggen.
Voorbij de top 10: het zuidwesten, Palma en meer calas
Langs de rest van de kust liggen er nog veel meer. In het zuidwesten liggen Portals Vells met zijn kleine zandbaaien onder de dennen, het smalle Cala Fornells bij Peguera en Camp de Mar met zijn eilandje voor de kust. Dichter bij de stad liggen Illetes, met helder water vlak bij Palma, en de badplaatsen Palmanova, Magaluf en Santa Ponça. Ten oosten van Palma begint de kilometerslange Playa de Palma, bij Llucmajor ligt Cala Pi in een smalle inham, en helemaal in het westen kijk je vanuit Sant Elm uit op Sa Dragonera.
In het noorden verdient Cala Sant Vicenç, vier kleine baaien onder de rotspiek Cavall Bernat, een plek op het lijstje. De oostkust heeft de lange badplaatsstranden van Cala Millor, Sa Coma en Cala Bona, en het kleinere Canyamel. In de Tramuntana liggen Cala Deià, een kiezelbaai met twee visrestaurants onder het dorp waar de schrijver Robert Graves woonde, en het ronde havenstrand van Port de Sóller. Alle strandgidsen staan bij elkaar in het overzicht van de stranden van Mallorca.
Veelgestelde vragen
Wat is het mooiste strand van Mallorca?
Het vaakst genoemd wordt Es Trenc, ongeveer drie kilometer wit zand zonder bebouwing aan de zuidkust. Voor een kleine baai met turquoise water is Caló des Moro bij Santanyí de bekendste. Welk strand op een bepaalde dag het mooist is, hangt vooral af van de wind.
Welke stranden op Mallorca hebben het meest turquoise water?
De kleine calas met wit zand en rotsen aan de randen: Caló des Moro, Cala Mondragó, S’Amarador, Cala Llombards en Cala Varques, en in het zuiden Es Trenc, Es Carbó en Es Caragol. Het water is het helderst op een windstille ochtend, voordat de zeewind opsteekt.
Wat zijn rustige stranden op Mallorca?
Es Carbó, Es Caragol, Cala Mitjana en Cala Tuent blijven ook in augustus relatief rustig, omdat je er alleen te voet of via een lange bochtige weg komt. Op Es Trenc en Playa de Muro vind je rust door een paar honderd meter weg te lopen van de strandopgangen, en in mei, juni en september zijn alle stranden leger; zie de beste reistijd voor Mallorca.
Welk strand op Mallorca is het best met kinderen?
Playa de Muro en Platja d’Alcúdia, omdat het water daar heel geleidelijk afloopt en er voorzieningen zijn. Cala Mondragó en Cala Agulla zijn ook geschikt. Caló des Moro, Cala Varques en Sa Calobra zijn door de afdaling, de wandeling of de kiezels minder handig. Meer tips staan in de gids over Mallorca met kinderen.
Kun je de mooiste stranden van Mallorca zonder auto bereiken?
Een deel wel. Cala Agulla loop je vanuit Cala Rajada, Playa de Muro ligt aan de bus langs de baai van Alcúdia, Platja de Formentor bereik je in het seizoen met lijn 334 of de boot, en Sa Calobra met de boot vanuit Port de Sóller. Zie de gids over de bus op Mallorca, en voor de rest auto huren op Mallorca.
Mag je met de auto naar Platja de Formentor en Cala Torta?
Naar Formentor is de weg van ongeveer half mei tot half oktober overdag dicht voor gewone auto’s en huurauto’s; dan neem je de bus of de boot. Bij Cala Torta is de weg naar het strand sinds 2023 dicht en bij Cala Mitjana sinds april 2024. Je parkeert aan het eind van de openbare weg en loopt ruim een kilometer.
Waar is de zee rustig als het hard waait?
Kies de kust aan de andere kant van het eiland. Bij noordenwind, de tramuntana, liggen Es Trenc, Caló des Moro, Mondragó en Platja de Formentor kalm. Bij oostenwind, de llevant, zijn het zuidwesten en de Tramuntana-baaien beter, en bij zuidenwind het noorden.
Bronnen (geraadpleegd september 2026): Wikipedia over Es Trenc, Caló des Moro, het Parc natural de Mondragó, Cala Varques, Cala Agulla, Cala Torta, Cala Tuent en Sa Calobra; de Balearische regering over het Parc Natural de la Península de Llevant en de aankoop van sa Duaia (17 juli 2025); Ultima Hora over de afsluiting voor auto’s (17 april 2024); TIB over lijnen en dienstregelingen; Wikipedia over de windroos en de embat; AEMET over de strandvoorspelling.



